Zonnige Zeilvakanties
flottielje-bareboat1.jpg

Zeiltocht vanuit Rhodos

Huur eens een boot op een minder gangbare locatie. Dat was het uitgangspunt na een aantal jaren op diverse manieren gezeild te hebben op de bekende bestemmingen in de Middellandse Zee zoals de meeste organisaties van zeilvakanties die aanbieden.

Zonder al teveel voorkennis hebben we Rhodos gekozen als startpunt om meerdere redenen. Griekenland heeft een fantastisch klimaat en er zijn chartervluchten. In de zomer is het altijd warm en zonnig. Het is er naar Europese standaarden nog steeds goedkoop, niet alleen wat eten en drinken betreft maar ook wat betreft de kosten van het overnachten in havens. Die zijn er meestal niet, een enorm verschil met bijvoorbeeld Kroatië, waar niet alleen fors betaald moet worden in havens maar soms ook voor het ankeren in een baai. Er zijn enkele plaatsen met veel toerisme, maar voor het merendeel zijn de plaatsen op de eilanden klein en heeft het dagelijks leven een gemoedelijk tempo.

Nadelen zijn er ook. De zogenaamde ‘Meltemi’ een harde noordwestenwind kan in de zomer opsteken. Een zeiler met goede ervaring in Nederland schrikt niet van windkracht vijf of zes. Veel harder zal de ‘Meltemi’ meestal niet worden, al zijn er uitschieters tot maximaal windkracht acht. Ik heb verschillende zeilers gevraagd, maar mijn indruk is dat met in West-Europa in de zomer vaker verwaaid ligt dan in de omgeving van Rhodos. De afstanden zijn wat groter, wat het zeilgebied minder geschikt maakt voor families met kinderen en kleine boten, maar wel boeiender voor echte zeilers, want er is veel afwisseling.

Als schipper heb ik gevaren in de meest bekende gebieden met groepen en als flottielje leider. Het verslag is een beschrijving van hoe ik een week zeilen vanaf Rhodos heb ervaren met een groep vrienden op een Bavaria 42 in juli 2012.

Dag 1 – de aankomst

De jachthaven Mandraki ligt midden in het centrum, waar ook de bus vanaf het vliegveld stopt. Rhodos stad is een prachtige stad met zeer veel toerisme. Dat laatste irriteert misschien, maar voor een dag is het te doorstaan als je er niet teveel op let. In de haven twee bars met groot terras, twee supermarkten en de diverse kantoren van de verhuurbedrijven. Inchecken en inkopen doen neemt de nodige tijd in beslag. Dezelfde dag weg varen zal meestal niet lukken, ook omdat er geen goede bestemming in de buurt ligt. Wel is er misschien tijd om even uit te varen en de boot te leren kennen. Op een paar mijl ten zuiden van de haven ligt een strand waar even geankerd en gezwommen kan worden.
Om lekker te eten moet je erg goed zoeken. We proberen de oude vesting waar de meeste restaurants zijn. Let op zaken met standaard toeristische attributen en opdringerige uitbaters. Negeren. Hoofdstraat vermijden, kijk in de zijstraten. Sowieso altijd afgaan op je eigen intuïtie dus alle Griekse ongevraagde aanbod vriendelijk weigeren. Meestal accepteert men dit met een glimlach. Kijk dan naar wat eenvoudige zaken met niet teveel tafels en bestudeer de menukaart. Als er afwijkende gerechten opstaan dan is dit meestal een goed teken.
Met de chartervlucht is één tas niet aangekomen. De afdeling verloren bagage noteert alles. Bij navraag later die dag maakt men niet een al te professionele indruk. Veel verder dan de melding dat er geen informatie is komt men niet.

Het is bloedheet. Na korte tijd voel je je bezweet en vies. Dat blijft zo. Met zijn allen is het afzien. We zijn met vijf personen: Joost, Ket, Saskia, Alexandra en Norbert.

Bij de verhuurder, Mr. Tasos van Kiriakoulis, doet de automaat van de creditcard het niet, ondanks herhaalde pogingen. We huren alsnog een buitenboordmotor voor de dinghy (€80, lijkt ons toch wel handig) en betalen alvast de schoonmaakkosten (€95).

Dag 2 – Naar de Pedi baai op het eiland Simi

Vanuit Rhodos is dit meestal een aandewindse koers. Er staat een lichte bries die later wegvalt. Na een uur op de motor trekt de wind weer aan tot rond de 12 knopen. Na vier uur varen ploppen we het anker in het water van de Nanou baai op Simi. Een strand met één gebouw, de taveerne. De baai is diep. De meeste boten aan de zuidzijde van de baai met een lange lijn naar de kant. Na een zwemstop varen we door naar de Pedi baai. Een diepe inham met een ruime ankerplek met rondom de typische gebouwen van het eiland Simi met een gemoedelijke sfeer. Geen verkeer, want er is geen doorgaande weg. Er liggen zo’n twintig boten voor anker en een stuk of vijf aan een klein piertje. Totaal 23 mijl gevaren.

Van Mr. Tasos vernemen we nog de weersverwachting, 38 tot 42 graden en weinig wind. We vertrekken rond half twaalf en maken onderweg broodjes voor lunch tijdens het zeilen. Dat is goed te doen tijdens het zeilen.
De eerste duik in de Nanou baai voelt geweldig. Buiten in de natuur, geen herrie en lekker zwemwater.
In de Pedi baai klinkt vanaf de kant het monotone gebrom van de kleine energiecentrale, maar de sterkte is afhankelijk van de windrichting. Het went snel en is eigenlijk geen probleem. Een bijboot met buitenboordmotor is hier nodig als je voor anker ligt. Aan de kant zijn enkele eetgelegenheden en een supermarkt. We kiezen de taveerne in het midden van de baai. Prima, maar de taveerne aan de rechterkant van de baai (vanaf het water gezien) is bij nader inzien authentieker.

Dag 3 – Naar Simi haven

De dag begint met een verfrissende duik vanaf de boot, één van de voordelen van het ankeren. Het is meestal kiezen, of de drukte en levendigheid van een haven, of het buitengevoel en vrijheid van ankeren in een baai. In Griekenland wisselen we dit af. Na het ontbijt varen we richting de baai van Thessalona, een paar mijl verderop. Imposante steile rotswanden met een klein kiezelstrand en alleen een kleine kapel. Ankeren kan tot vlak bij de waterlijn, of met een lange lijn naar de kant.
Later varen we rustig naar Simi haven wat vlakbij is. Vanuit de verte wordt het stadje zichtbaar met de kleurrijke huizen die tegen de bergwand omhoog lopen. De haven is aangelegd in een natuurlijke baai. Totaal gevaren 7 mijl.

Joost vaart met de bijboot terwijl de rest met de Margareta vaart. Hij speelt de jonge avonturier. Er is geen zucht wind en ook de rest van de dag niet. We houden een echte relaxdag. Zwemmen, lunchen, lezen en luieren in een prachtige omgeving. In de baai zijn een stuk of vijftien boten. Rond Simi komen ook toeristen met boten uit Turkije en zijn er tochten met dagjesmensen. Deze baai is niet vanaf het land bereikbaar, of je moet kunnen bergbeklimmen. Ergens halverwege een enorme rotswand is een vlag geschilderd. Degene die dat gedaan heeft moet zeker geen hoogtevrees hebben gehad. Jammer van het verpesten van de natuurlijke omgeving.
Het snorkelen in de baai is leuk. Veel kleine vissen zwemmen actief tussen de rotsen bij de bergwanden. We eten een pastalunch met veel water. Ook in de middag is er geen zucht wind. We varen op de motor naar SIMI. Een enorme veerboot blokkeert de ingang van de haven maar vertrekt na een kwartier.
Aanleggen met anker uit en de kont naar de kant. Simi heeft daarvoor een ‘mooring man’ aangesteld, een vrolijke Griek met een dikke snor in knaloranje T-shirt. Hij waarschuwt ons voor de rental boats die niet kunnen aanleggen. Daarna is het traditioneel tijd voor de borrel. Mythos bier en koele rosé zijn favoriet. De rosé komt uit een vijf literpak, waar het karton van afgevallen is zodat alleen de plastic zak met drank overblijft. Wijn drinken wordt omgedoopt tot aan het infuus liggen. In de haven liggen ook een aantal patsermotorboten. In Simi zijn deze gelukkig gescheiden van de zeilers.

De tas van Ket is ondertussen terecht en staat gewoon in Amsterdam. Deze avond gaat hij met de vlucht mee naar Rhodos. Afgesproken wordt dat de tas met de veerboot naar Simi gestuurd wordt. We zijn benieuwd.
In Simi gaan Ket en Alexandra toch shoppen en slagen wonderwel. Tenminste, joelend stappen ze de boot weer op met een paar jurken, een ketting en oorbellen.
’s Avonds eten we bij taveerne ‘Merakles’ in het straatje net achter de haven, op het terras met de blauwe stoelen. Binnen hangen foto’s van het sponsduiken met ouderwetse duikpakken. Foto’s van de vader van de eigenaar die het familiekapitaal gestoken heeft in de taveerne. In de bediening loopt een Pool, die vriendelijk lachend over het terras rent. Hij blijkt al twintig jaar op Simi te wonen.
De octopussalade is heerlijk. We eten vijf voorgerechten en drie hoofdgerechten.

Dag 4 – Naar Nisiros

Op tijd vertrekken we naar Nisiros want het is een behoorlijke afstand, zo’n 34 mijl, en meestal is de koers aan de wind. Eerst passeren we de nauwe doorvaart tussen Simi en het onbewoonde Nimos. Het water is azuurblauw en de bodem is met een diepte van vijf meter goed te zien. We varen vlak onder de Turkse kust die geheel verlaten lijkt. Er zijn enkele plekken voor een ankerstop om even te zwemmen. Langzaam aan wordt het vrijwel ronde eiland Nisiros zichtbaar, met steile hellingen waarop terrassen voor landbouw zichtbaar zijn. Het eiland is een dode vulkaan. We leggen aan in het plaatsje Palon waar het dorpsleven zich afspeelt langs de kaden.

De tas van Ket arriveert om elf uur met de veerboot vanaf Rhodos. De vreugde is groot. Daarna kunnen we vertrekken vanaf Simi.
Het waait eerst twee uur niet en daar neemt de wind snel toe tot 25 knopen net op het moment als we lunchen. Het is sterk aan de wind en de korte golven maken de voortgang moeizaam. Ouderwets hakken, dus. Niets voor watjes. De lijn om het grootzeil in te halen breekt. Slechte kwaliteit. Nu moet dit met de lier aan de mast gedaan worden. De zeilen zijn ook niet al te nieuw en zeker met een rif in beide zeilen is lekker scherp aan de wind varen is er niet bij. Het duurt te lang en er wordt geklaagd. Het laatste uur de motor maar aan dan zijn we er eerder. Totaal 3 uur op de motor en 4 uur gezeild.
Het haventje is niet meer dan een lange kade met een stuk of 8 taveernes in kleine vierkante gebouwtjes. Weinig pittoresk, maar de brommertocht op het eiland de volgende ochtend compenseert dat volledig.
De haven is volledig beschut en enkele jaren geleden uitgebreid waarbij de ingang verplaatst is van de noordzijde naar de oostzijde. Er is plek voor zeker 30 jachten. Met een flottielje van 12 boten van Sunsail was het er vrijwel vol. Op Nisiros is een havenmeester. Als we aangeven dat we willen betalen dan vraagt hij dat de volgende dag te doen. Als we de volgende dag weer bij zijn kantoor komen rond één uur is het gesloten. Langs de kade zijn voldoende taveernes. We kiezen de taveerne waar we ook gratis mogen douchen. Voor echt lekker eten moet je naar het bergdorp Emporios (brommer huren, paar kilometer rijden), waar de beste restaurants zijn. Er zijn er maar twee overigens.

Dag 5 – Naar Tilos

Op Nisiros gaan we eerst met gehuurde brommers naar de vulkaankrater. Een imposant natuurverschijnsel met doordringende zwaveldampen in de oude krater. Daarna naar het dorpje Emporios dat bovenop een bergrug ligt en naar de haven van Mandraki voor wat lokale sfeer en een drankje. De ochtend is zo goed besteed. Daarna varen we met de wind mee richting Tilos, een afstand van 16 mijl. Het haventje van Tilos is piepklein, dus als deze vol is liggen de boot in de ruime baai. Het is een eiland waar nog nauwelijks toeristen komen. Het water en het leven kabbelen voort aan de waterkant.

De brommers op Nisiros kosten €8 per stuk en met vijf euro (2,5 liter) benzine kun je het hele traject doen. De tocht is prachtig over een kronkelige weg. Eerste bergop en daarna afdalen in de vulkaan. De entree tot de diepste krater kost €2. Daarna terug via Emporios, een half verlaten dorp wat echt prachtig op de rand van de berg ligt. Daarna naar Mandraki wat eigenlijk wat teleurstellend is omdat er grote groepen toeristen door het dorp paraderen langs de vele souvenirwinkels en taveernes.

We varen naar Tilos met voldoende wind. Het is de eerste keer dat we de gehele afstand zeilend kunnen volbrengen. Tilos heeft een piepkleine haven waar 13 zeilboten een plaats kunnen vinden, niet meer. De ankergrond in de baai is volgens de havenmeester alleen goed op plekken waar geen zeegras groeit. De baai is enorm ruim, dus altijd plek. De havenmeester is overigens een Duitse vrouw die de touwtjes strak in de hand heeft. Havengeld was €16 inclusief stroom.
De botten van de dwergolifanten komen in een museum dat men van plan is te bouwen. Terugkomen als het zover is. Het dorpspleintje met de bomen is zeer aangenaam. Er hangt een zeer gemoedelijk sfeertje. Jongeren hangen ’s avonds samen in een barretje aan de andere kant van de baai.

Dag 6 – Naar Chalki

Vandaag een afstand van 17 mijl, net als de vorige dag. De toegang tot de baai waar het enige plaatsje van het eiland aan ligt wordt pas zichtbaar als we er in draaien. De meeste huizen zijn in oude neoklassieke stijl en gerestaureerd. Hier en daar zijn nog bouwvallen zichtbaar. Eens woonden hier meer mensen, maar pas sinds de opkomst van het toerisme neemt het aantal inwoners weer toe. De kade is afwisselend met enkele winkeltjes, terrassen en pleintjes. ’s Ochtends zijn de vissers druk bezig op de kade maar de rest van de dag kabbelt het leven voort.

Vanaf Tilos is het een rechte lijn over open water naar Chalki. Geen kusten met leuke baaien onderweg. De enige plaats van Chalki ligt rondom de haven en is ook weer een erg mooi en rustig plaatsje met zo’n vijftien terrassen aan de kade. Huizen in neoklassieke stijl. De baai is ruim en er staat wat deining, ook al is er vrijwel geen wind, zeker als een boot met dagtoeristen langs vaart. Er is een drijvend ponton waar ongeveer vijftien boten kunnen liggen. Havengeld is €10. Ankeren is mogelijk met een lange lijn naar de kant, anders waarschijnlijk niet omdat de bodem nogal steil afloopt. Naar Chalki is er geen zucht wind en hebben we alles op de motor gevaren. Helaas. De stemming aan boord is er niet minder om. Als we in Chalki zijn duiken we alsnog het water in vanaf de boot. Het water is schoon genoeg. Er is nog een ankerplek op Chalki, ten westen van de haven. Deze heb ik niet bekeken maar is een mogelijkheid voor een zwemstop.
Als je vanaf de kade hoger op het dorp in loopt heb je een prachtig uitzicht over de baai.

Dag 7 – Naar Rhodos stad

Eerst varen we een paar mijl naar Alimia voor een zwemstop. Het onbewoonde eiland is een oase van rust en heeft een prachtige ruime baai met kiezelstrand. Er is een kleine kapel en er zijn restanten van een aantal woningen. Geiten scharrelen tussen de rotsen en de schaarse begroeiing hun dagelijkse kost bij elkaar. Daarna varen we langs de westkust terug naar Rhodos stad. Bij de top van het eiland varen we om de middeleeuwse uitkijktoren de haven van Mandraki binnen en zijn daarmee aan het einde van een bijzondere zeilweek en weer terug in het drukte van de levendige stad. Totaal gevaren 31 mijl.

De baai van Alimia is fantastisch. Als we geweten hadden hoe rustig en beschut het is hadden we er misschien voor gekozen er te overnachten.
De route terug langs de kust is wel aardig omdat je de afwisseling hebt van de kust met bergen in de verte. Ontsierende elementen zijn een energiecentrale met rokende schoorsteen en de herrie van laag overvliegende vliegtuigen van de luchthaven. Op één plek waren veel kitesurfers, een mooi gezicht als ze springen. Eerst is er geen wind en varen we 2 uur op de motor. Daarna hebben we een lekker briesje in de rug en varen we 4 uur lang als ‘melkmeisje’ naar Rhodos stad. Een bulletalie aan het grootzeil en de genua proberen uit te zetten aan de andere kant. Ging goed.
Het zeilen zit er op. In deze week hebben we 36 liter diesel gebruikt (€60) voor onze Bavaria 42, die daarmee naar schatting 2,5 liter per uur heeft verbruikt. In bijna alle havens is tegenwoordig elektriciteit en water verkrijgbaar. Niet goedkoop, overigens. Het havengeld wordt ook overal geïnd, behalve op Nisiros waar de havenmeester er niet was.
Het uitchecken verloopt soepel, en dat is ook wel logisch want er is eigenlijk niets stuk gegaan. Op één lijn na, de lijn om het grootzeil in en uit te rollen, maar dat kwam omdat de twee einden niet goed aan elkaar gesplitst waren. De locatiemanager heet Tasos en is vriendelijk en behulpzaam.

Samenvattend kan geconcludeerd worden dat een zeilboot huren vanaf Rhodos meer iets is voor echte zeilers die niet terugschrikken voor een wat langere dagtocht en niet geschikt is voor families met kinderen. Er vaart één flottielje van Sunsail rond met een stuk of twaalf boten, waarschijnlijk ergens vanaf de Turkse kust. Voor flottieljes vindt ik het gebied eigenlijk ongeschikt, omdat havens erg klein zijn en uitwijkmogelijkheden of ankerbaaien niet altijd direct in de buurt zijn. Wij hadden rustig weer, maar met een Meltemi (die volgens mij zelden voorkomt) moet je ook rekening houden met dagen dat je verwaaid ligt.
Bij het huren van een boot voor een periode van twee weken zou men nog naar Kos en de eilanden ten noorden ervan kunnen gaan. Daar zijn vergelijkbare mogelijkheden.